top of page
Zoeken
  • Foto van schrijverJuf Angelique

Thema spinnen: Muziek

Bijgewerkt op: 18 feb.

In deze blog vind je muzikale kringactiviteiten bij het thema spinnen.



Liedjes


De spin wiedewin

De spin Wiedewin De spin Wiedewin, die weeft een web, die weeft een web.

De spin Wiedewin, de spin Wiedewin die vangt daar mugjes en vliegjes in.

 

Een spin

Een spin, een spin, kijk eens wat ik heb.

Een spin, een spin, kijk eens wat ik heb.

Ik wil geen spinnen binnen, spinnen horen buiten.

Buiten in een web.

Daar mag je draden weven.

Om door de lucht te zweven.

Kriebel, kriebel, kriebelspin.

Ga jij maar gauw de tuin weer in.

Een spin, een spin, kijk eens wat ik heb.

Een spin, een spin, kijk eens wat ik heb.

Ik wil geen spinnen binnen, spinnen horen buiten.

Buiten in een web.

Daar mag je vliegen vangen.

En aan de takken hangen.

Kriebel, kriebel, kriebelspin.

Ga jij maar gauw de tuin weer in.

Kriebel, kriebel, kriebelspin.

Ga jij maar gauw de tuin weer in.


 

Slompie

Slompie wiebelt op zijn pootjes

1, 2, 3, 4, 5

maar de andere spinnen hebben

8 kriebelpoten aan hun lijf.

Slompie kan dus niet snel lopen,

hij sjokt achteraan.

Schiet toch op, mopperen de andere spinnen

Slompie, blijf niet staan!

1 - 2, 1 - 2, 1 - 2, 1 - 2 

1- 2, 1 - 2 maar Slompie kan niet mee.

 

Zingen


Algemeen

  • Voor het aanleren van een nieuw lied is aandachtig luisteren belangrijk. Laat de kinderen bijvoorbeeld opstaan steeds als ze een bepaald woord horen en vervolgens weer gaan zitten als ze dit woord weer horen. Hoeveel keer hebben de kinderen het afgesproken woord in het liedje gehoord?

  • Vraag de kinderen uit te beelden wat ze in een liedje horen. Je kunt de kinderen vrij laten uitbeelden of je kan op basis van wat er bedacht wordt een gezamenlijke dans bedenken die de hele groep meedoet.

  • Hang pictogrammen op met daarop de belangrijkste woorden uit het aangeboden lied in de goede volgorde.

  • Deel de pictogrammen uit. Als kinderen het bijbehorende woord in het lied horen, dan steken zij deze omhoog.

  • De kinderen zingen alleen de laatste (rijm)woorden mee.

  • De kinderen zing alleen het laatste deel van iedere zin mee.

  • Alleen de jongens/meisjes zingen mee.

  • (Om en om) hard en zacht zingen.

  • (Om en om) langzaam en snel zingen.

  • (Om en om) hoog en laag zingen.

  • De leerkracht playbackt, de kinderen zingen het liedje hardop.

  • Om de beurt een regel zingen. Wijs aan wie de beurt heeft. Begin steeds opnieuw zodat alle kinderen aan de beurt komen.

  • Wie durft het alleen?


Plaatjes

Benodigdheden:

- Tekenpapier en een stift of woordkaarten

Zing het aangeboden liedje stukje voor stukje en vraag welke woorden de kinderen hebben gehoord. Teken ze of zoek de woordkaart erbij. Wijs deze tijdens het zingen van het hele lied aan.


Klanken

Benodigdheden:

-Geen

Zeg de tekst van een liedje zin voor zin. Bedenk welke woorden met de s-klank van spin(of een andere) beginnen. Probeer het liedje te zingen zonder deze woorden uit te spreken of start met één woord dat wordt weggelaten en breid dit later uit.


Liedjesmand/-kist

Benodigdheden:

- Een mand

- Attributen, die bij het aangeleerde liedje over spinnen horen

Doe de attributen in de mand en gebruik deze om een liedje te visualiseren

Variatie: Stop 1 attribuut per aangeleerd liedje in de mand. Op die manier kun je steeds een attribuut kiezen en het bijbehorende liedje herhalen.


De blinde dirigent

Benodigdheden:

- Een blinddoek

- Een stokje

De kinderen wandelen door de kring. In het midden staat een geblinddoekte dirigent.

Hij geeft met zijn stokje de richting aan waarin de kinderen moeten lopen; links of rechts.

Als de dirigent zijn stokje omhoog steekt, moeten de kinderen stokstijf blijven staan.

De dirigent wijst vervolgens met zijn stokje blind iemand aan. Dat kind zingt met een verdraaide stem een aangeleerd liedje. Als de dirigent kan raden wie er zingt, wordt dit kind de nieuwe dirigent. Raadt hij het fout, dan blijft hij nog een ronde de dirigent.


Een liedjesschort

Benodigdheden:

- Een liedjesschort

- Afbeeldingen of voorwerpen die bij het aangeleerde liedje passen.

Verander een schort in een liedjesschort door er bijvoorbeeld washandjes op te naaien.

Stop in iedere zak een afbeelding of voorwerp wat met het liedje te maken heeft.

Trek de liedjesschort aan en vul de zakken op de schort met de afbeeldingen of voorwerpen.

Laat de kinderen tijdens het liedje de afbeeldingen of voorwerpen uit de zakjes halen.

En zo gaat het liedje verder, tot er uit elk zakje een kaart is getrokken. Zorg ervoor dat er bij iedere zin van het lied een voorwerp of plaatje is, zodat er een opbouw is.


Liedjesmap

Benodigdheden:

- Een map

- Een kopie van het aangeleerde liedje oer spinnen, met afbeeldingen

Doe het aangeleerde liedje in de map. Op die manier wordt de verzameling steeds groter en kun je de aangeleerde liedjes regelmatig herhalen.

Je kunt de liedjes ook kopiëren en aan de kinderen meegeven.


Improviseren

Benodigdheden:

- Geen

De kinderen zingen op de melodie van een bestaand lied, bijvoorbeeld "Vader Jacob", een nieuwe tekst over een spin. Het gaat erom dat de kinderen binnen het lied improviseren met eigen tekst.


Neurien

Benodigdheden:

- Geen Laat de kinderen het aangeboden lied over spinnen neuriën. Dat is een goede resonan oefening.


Een knuffel doorgeven

Benodigdheden:

- Een spinnenknuffel

Laat de kinderen tijdens het liedje een spin doorgeven, die voor het einde van het lied weer bij de leerkracht moet zijn. Kinderen ontwikkelen zo gevoel voor 'hartslag van de muziek', het puls gevoel.


Kiekeboe!

Benodigdheden:

- Gebruik een spin

Als de spin verdwijnt, dan verdwijnt ook het geluid en stoppen de kinderen met zingen en gaat de leerkracht verder. Als de spin weer verschijnt, dan gaan ze weer verder met zingen. Zo kan je ze stukjes laten zingen die ze al kennen, maar de zinnen die nog te moeilijk zijn zelf zingen.


De spin

Benodigdheden:

- Een afbeelding van een web en een spin

Gebruik een spin om de stem op te warmen. Laat de spin omhoog klimmen in het web en weer ondergaan (houd een zon vast en breng deze omhoog en omlaag), je stem gaat van laag tot hoog en weer terug. Gebruik verschillende klanken.

 

Muziek luisteren


Doorgeefspel

Benodigdheden:

- Een spinnenknuffel

- Muziek

De kinderen staan in een kring. Een van de kinderen heeft een voorwerp vast.

Als de muziek speelt wordt het voorwerp doorgegeven. Stopt de muziek, dan is het kind met het voorwerp af. Speel het spel tot er één kind over is.


De spin loopt

Benodigdheden:

- Ritmestokjes

Gebruik de stokjes voor de voetstappen van de spin. Hoe lopen de spinnen?

Laat de kinderen luisteren en de voetstappen nadoen.


Een eng muziekje

Benodigdheden:

- Enge muziek

Laat de klas een fragment horen. Wat hebben de kinderen gehoord?

Wat vonden ze van deze muziek? Hoe klonk de muziek?

Kunnen de kinderen bang rondlopen?


Een voorwerp doorgeven

Benodigdheden:

- Een spinnenknuffel

Laat de kinderen tijdens een liedje/muziekje een spindoorgeven, die voor het einde van het lied weer bij de leerkracht moet zijn. Kinderen ontwikkelen zo gevoel voor 'hartslag van de muziek', het puls gevoel.


Wie is het?

Benodigdheden:

- Geen

Zing met de klas een spinnenliedje en leid een geblinddoekt kind door de ruimte.

Ga bij een van de zingende of neuriënde kinderen stilstaan.

Dit kind zingt of neuriet als enige door. Kan het geblinddoekte kind raden wie het is?

 

Muziek maken


Klimmen

Benodigdheden:

- Een spinnenhandpop

- Een web

- Een klokkenspel

Gebruik een spinnenhandpop en laat deze omhoog en omlaag in het web gaan naargelang de tonen op een klokkenspel omhoog en omlaag gaan.


Trefwoorden

Benodigdheden:

- Muziekinstrumenten

Laat kinderen bij bepaalde woorden in een liedje over spinnen op hun instrument spelen.


Langzaam/snel

Benodigdheden:

- Instrumenten

Maak met instrumenten duidelijk of de spin langzaam loopt of snel.


Een muzikaal prentenboek

Benodigdheden:

- Een prentenboek over spinnen

- Muziek

Breng het boek in relatie met muziek. Zoek klassieke of filmmuziek die past bij het boek. Zoek muziek die echt heel duidelijk spannend of vrolijk klinkt anders is het voor kinderen moeilijk te onderscheiden. Laat de twee stukjes muziek aan de kinderen horen.

De kinderen mogen hier vrij op bewegen.

Observeer de bewegingen en lees vervolgens het boek voor.

Vraag na het voorlezen welk stukje muziek het beste bij het boek of de bladzijde past.

Variatie: Verklank het boek met instrumenten.


Praten met muziek

Benodigdheden:

- Geen

Twee kinderen zijn spinnen en voeren zingend een gesprekje zonder woorden (met geluiden). De rest van de kleuters raadt dan waar het muzikale gesprek over gaat.

Je kunt van tevoren ook aangeven dat eentje van hen een bepaald personage is en de andere een ander personage. De kinderen moeten dan raden wie wie was.

 

Muziek lezen en noteren


Ritme-bouwstenen

Benodigdheden:

- Instrumenten

- Ritmebouwstenen: Dit zijn kaartjes met daarop afbeeldingen en het het bijbehorende woord in lettergrepen

Spreek de bouwstenen ritmisch voor en laat de kinderen deze nazeggen, bijvoorbeeld: spin, spin-nen-web, spin, spin-nen-web. Zorg er daarbij voor dat je de cadans van de muziek door laat gaan. Op die manier krijg je een doorgaande serie bouwstenen.

In de tweede stap herhaal je het voorgaande, maar combineer je spreken met klappen. Tijdens de derde stap blijft alleen het klappen over, wat gevolgd kan worden door het spelen van de ritmebouwstenen op instrumenten en het improviseren ermee.

Door middel van deze werkvorm leren kinderen verschillende ritmes uitvoeren en worden ze zich bewust van de vormaspecten herhaling, contrast en variatie.

 

Op zoek naar meer?


Kijk voor meer suggesties ook eens op mijn Pinterest

Heb je zelf ook nog leuke suggesties?

Inspireer dan collega’s door jouw ideeën als reactie op deze blog te delen!


.




540 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven
bottom of page