top of page
Zoeken
  • Juf Angelique

Huisdieren: Muziek (kring)

In deze blog vind je muzikale kringactiviteiten bij het thema huisdieren.


Liedjes


Het hondje zegt waf!:

Uit: Het grote liedjesboek

Het hondje zegt waf

en de duif zegt roekoe

de poes zegt miauw

en het koetje zegt boe

het varken zegt knor

en het eendje zegt kwak

maar wie zegt er niks?

dat is de slak.

 

Poesje mauw, kom eens gauw!

Poesje mauw, kom eens gauw

ik heb lekkere melk voor jou

en voor mij rijstebrij

o, wat heerlijk smullen wij.

Hondje waf, waf waf waf

blijf jij van mijn lekkers af

deze koek is van mij

ook voor jou is er wat bij

Kipje tok, tok tok tok

kom eens in mijn kippenhok

leg voor mij, 'n lekker ei

o, wat heerlijk smullen wij!

 

Zingen


Algemeen:

  • Voor het aanleren van een nieuw lied is aandachtig luisteren belangrijk. Laat de kinderen bijvoorbeeld opstaan steeds als ze een bepaald woord horen en vervolgens weer gaan zitten als ze dit woord weer horen. Hoeveel keer hebben de kinderen het afgesproken woord in het liedje gehoord?

  • Vraag de kinderen uit te beelden wat ze in een liedje horen. Je kunt de kinderen vrij laten uitbeelden of je kan op basis van wat er bedacht wordt een gezamenlijke dans bedenken die de hele groep meedoet.

  • Hang pictogrammen op met daarop de belangrijkste woorden uit het aangeboden lied in de goede volgorde.

  • Deel de pictogrammen uit. Als kinderen het bijbehorende woord in het lied horen, dan steken zij deze omhoog.

  • De kinderen zingen alleen de laatste (rijm)woorden mee.

  • De kinderen zing alleen het laatste deel van iedere zin mee.

  • Alleen de jongens/meisjes zingen mee.

  • (Om en om) hard en zacht zingen.

  • (Om en om) langzaam en snel zingen.

  • (Om en om) hoog en laag zingen.

  • De leerkracht playbackt, de kinderen zingen het liedje hardop.

  • Om de beurt een regel zingen. Wijs aan wie de beurt heeft. Begin steeds opnieuw zodat alle kinderen aan de beurt komen.

  • Wie durft het alleen?


Geluiden en klanken:

Je hebt nodig:

- Woordkaarten

Gebruik allerlei geluiden en klanken die je bij huisdieren kunt bedenken om de stem wakker te maken. Dat kan met de stem, bodypercussie of met instrumenten).

Wijs vervolgens de woordkaarten aan, waarbij je een geluid hebt gemaakt een voor een of meerdere tegelijk om het extra uitdagend te maken. De kinderen maken dan het geluid dat past bij dat plaatje of bij die plaatjes.


Zingen als een huisdier:

Je hebt nodig:

- Dierenkaartjes.

Laat de kinderen bij elke zin uit het aangeboden lied een ander dier zien.

De kinderen zingen die regel vervolgens met het bijbehorende dierengeluid.


Zingen met emotie:

Je hebt nodig:

- Emotiekaartjes.

Laat de kinderen bij elke zin uit het aangeboden lied een andere emotie zien.

De kinderen zingen die regel vervolgens met de emotie die wordt getoond.

Je kunt hier een raadspel van maken. Jij of een kind zingt een bekend lied met een bepaalde emotie. De rest raadt welke emotie het is. Verzin samen met de kinderen ook eens andere manieren van zingen en maak er kaartjes van (bijvoorbeeld deftig, zo langzaam als een slak, zo snel als een haas enz.).


De bek van een ...:

Je hebt nodig:

-

Maak van je armen een bek door ze voor je uit te strekken. Staat de bek wijd open, dan zingen de kinderen hard, gaat de bek dicht, dan zingen ze steeds zachter.

Als de bek gesloten is (handen op elkaar), dan stoppen de kinderen met zingen.

Als de bek dan weer open gaat, gaan de kinderen verder.

* Variatie: Met instrumenten


De dirigent:

Je hebt nodig:

- Een stokje

Alle kinderen staan in de kring. Een kind is de dirigent en staat in het midden.

Wanneer dit kind iemand aanwijst dan mogen de kinderen zelf weten hoe ze blaffen, miauwen, blubben enz...(toonhoogte, hard, zacht, interval). Als dit doorgaat wijst de dirigent verschillende kinderen aan, die pas weer stoppen met het noemen van hun naam als ze weer een keer worden aangewezen.


Liedje:

Je hebt nodig:

-

Zeg de tekst van een liedje zin voor zin. Bedenk welke woorden met de p-klank (of een andere) beginnen. Probeer het liedje te zingen zonder deze woorden uit te spreken of start met één woord dat wordt weggelaten en breid dit later uit.


Liedjesmand/-kist:

Je hebt nodig:

- Een mand

- Attributen, die bij het aangeleerde liedje horen

Doe de attributen in de mand en gebruik deze om een liedje te visualiseren

* Variatie: Stop 1 attribuut per aangeleerd liedje in de mand. Op die manier kun je steeds een attribuut kiezen en het bijbehorende liedje herhalen.


Liedjesmap:

Je hebt nodig:

- Een map

- Een kopie van het aangeleerde liedje, met afbeeldingen

Doe het aangeleerde liedje in de map. Op die manier wordt de verzameling steeds groter en kun je de aangeleerde liedjes regelmatig herhalen. Je kunt de liedjes ook kopiëren en aan de kinderen meegeven.