Zoeken
  • Juf Angelique

Helden: Sociale ontwikkeling (kring)

Bijgewerkt op: 5 jun.

In deze blog vind je suggesties voor kringactiviteiten om de sociale ontwikkeling van kleuters binnen het thema helden te stimuleren.



Activiteiten: Elkaars naam leren kennen


Namenspel:

Je hebt nodig:

- Een knuffel met een cape en een superheldenmasker.

Laat de kinderen in de kring de knuffel overgooien. Voordat ze de knuffel gooien zeggen ze eerst de naam van het kind waar de knuffel naar toe gaat.

Lukt het om de knuffel niet te laten vallen?


Tik tik, wie ben ik?

Je hebt nodig:

-

Een ouderwets en welbekend spel om elkaars naam te leren kennen. Een kind is de Superheld en zit met een masker (blinddoek) om.

Een ander kind komt op zijn rug tikken en zegt: 'tik, tik, wie ben ik?'

Vervolgens moet het geblinddoekte kind raden wie het is.

Omdat het spel lekker kort is komen er veel kinderen aan de beurt.

 

Activiteiten: Jezelf presenteren/voorstellen


Hallo!

Je hebt nodig:

-

De kinderen lopen als Superhelden door elkaar in de ruimte. Op een teken (bijvoorbeeld klappen in de handen) staan de kinderen stil en kijken naar de begroetingsvorm die je voordoet. Doe je arm bijvoorbeeld zoals Superman omhoog of geef een high five.

Daarna lopen de kinderen. Als ze nu iemand tegenkomen begroeten ze de leerling op deze manier en noemen daarbij eventueel elkaars naam.

Bij iedere opdracht kun je ook een andere plaats verzinnen waar de kinderen zich bevinden: op een wolkenkrabber, in een gebouw enz.


Stevig staan:

Je hebt nodig:

-

Helden staan stevig. De kinderen staan in tweetallen. Laat ze oefenen met stevig staan.

Het ene kind gaat stevig staan en het andere kind probeert hem uit balans te brengen.


Sterke handen:

Je hebt nodig:

-

Een oefening om het stevig staan te oefenen. De kinderen gaan in tweetallen staan. Een van de twee steekt zijn handen recht voor zich uit. Het andere kind mag proberen zijn handen naar beneden te duwen. Lukt het? Draai de rollen daarna om.

* Variatie: De handen in de zij

* Variatie: In plaats van de handen kan het ook een been zijn dat omhoog gaat en door de ander naar beneden gedrukt moet worden.

Zijn er tactieken om stevig te blijven staan?

 

Activiteiten: Elkaar leren kennen


High five:

Je hebt nodig:

- Een Superhelden-muziekje

Oefen met de kinderen het geven van een high five. Zet de high five-muziek aan.

Laat de groep rondlopen op de muziek. Elke keer als ze iemand tegenkomen, geven ze een vrolijke high five. Benoem over welk onderwerp ze iets over zichzelf vertellen aan die ander: bijv. hun lievelingskleur, leukste spelletje, lievelingsdier, lekkerste eten of leukste liedje.


Held van de dag/week:

Je hebt nodig:

- Schatkist (of een mooie doos)

Stel elke dag of elke week een leerling centraal die over zichzelf vertelt. Dit kind krijgt een schatkist mee naar huis en doet daar iets in wat veel voor hem betekent.

In de kring laat hij/zij zijn/haar schat zien en vertelt hij/zij ze waarom deze schat veel voor hem/haar betekent. De andere kinderen mogen ook vragen stellen.

Zo ontdekken de kinderen en de leerkracht de schat die in ieder kind verborgen zit.


Speeddate:

Je hebt nodig:

- Knip Superhelden-afbeeldingen in twee stukken.

Geef elke speler een halve kaart. Laat ze kriskras door elkaar lopen. Terwijl ze dat doen wisselen ze constant hun kaart met anderen. Bij het fluitsignaal zoekt iedereen zijn ‘wederhelft’. Bedenk een vraag waar elk duo even over nadenkt en laat ze het aan elkaar vertellen. Daarna gaan de spelers weer door elkaar lopen tot je opnieuw een signaal geeft.


Versje:

Je hebt nodig:

- Een superheldenknuffel

Leer de kinderen het volgende versje aan:

Hoe heet je? Wie ben jij? Zeg het maar, vertel het mij!

Waar kijk jij naar op tv, met welk spel doe jij graag mee?

Heb je zusjes? Of een broer? Wie vind jij lief? En wie stoer?

En dan heb ik nog een vraag: Wat voor eten lust jij graag?

Hoe heet jij? Wie ben jij? Zeg het maar, vertel het mij.

De kinderen gaan in de kring zitten. Een van hen begint en bedenkt een vraag uit het versje, bijvoorbeeld: ‘Met welk spel doe jij graag mee?’ Die vraag stelt hi/zij en vervolgens gooit hij/ zij de knuffel naar een klasgenootje die daarop het antwoord mag geven.

Nu mag hij/zij een vraag stellen en de knuffel naar een ander gooien, enzovoort.

Speel het spel meerdere keren.

 

Activiteiten: Verschillen en overeenkomsten


Ga staan als...

Je hebt nodig:

-

Maak als leerkracht zinnen die steeds beginnen met ‘Ga staan als je…’. De kinderen gaan vervolgens staan als die zin voor hen geldt. Daarna mogen ze weer gaan zitten.

Mogelijke opdrachten: Ga staan als je…

  • favoriete Superheld Superman is

  • kan vliegen

  • wel eens een Superheldendaad hebt verricht

  • een Superheldenboek hebt

Enzovoort.

Bespreek met de kinderen na wat hen is opgevallen.


Wie-hoe-wat?

Je hebt nodig:

-

De kinderen zitten in de kring. De leerkracht noemt steeds een andere eigenschap en handeling op. Alle kinderen die zich daarin herkennen voeren deze handeling uit.

Bijvoorbeeld: Alle kinderen die...

  • Van Superman houden, knippen met hun vingers

  • Wel eens in een wolkenkrabber zijn geweest, knipperen met hun ogen

  • Zichzelf een held vinden, klappen twee keer in hun handen

Enzovoort...

 

Activiteiten: Vertrouwen


Blindelings vertrouwen:

Je hebt nodig:

- Een blinddoek

De kinderen werken in tweetallen. Eén kind is de Superheld met een oogmasker op.

Het andere kind helpt hem een hindernisbaan te nemen.


Doolhof:

Je hebt nodig:

- Blinddoeken

De helft van de groep wordt geblinddoekt, de anderen zijn de leiders.

De geblinddoekte kinderen gaan even naar de gang.

De leiders maken met de leerkracht een doolhof van stoelen en tafels in de klas.

Dan gaat elke leider zijn/haar geblinddoekte maatje halen en leidt hem of haar door het doolhof. Dit mag door het kind vast te pakken of door er tegen te praten.


De Superheld:

Je hebt nodig:

- Stoelen

- Twee blinddoeken

In de kring wordt van een aantal stoelen een grens gemaakt.

Tussen de stoelen zijn één of meerdere openingen.

Eén kind is een superheld en krijgt een blinddoek om.

Een ander kind is boef en krijgt ook een blinddoek en moet door een gat in de grens zien te komen. Dit hoeft dat kind niet alleen te doen, iemand met de ogen open mag hem/haar leiden. Wel zonder woorden!

De superheld mag immers niet horen waar de 'boef' zich bevindt.


Cirkel van vertrouwen:

Je hebt nodig:

-

Laat de kinderen in een cirkel staan. Een kind is Superheld en staat in de cirkel.

Hij valt van de wolkenkrabber en laat zich rustig achterover vallen met het vertrouwen dat hij opgevangen wordt door de andere Superhelden.


Rugtekening

Je hebt nodig:

-

Deze oefening gaat over vertrouwen en gevoel krijgen voor lichamelijke waarneming.

De kinderen vormen tweetallen. Ze gaan met de rug naar iemand toe zitten die vervolgens een superheld met hun vinger op hun rug gaat tekenen. De kinderen kiezen daarna zelf een vorm uit en tekenen deze bij hun maatje op de rug. Lukt het om te raden welke vorm het is?


Een vliegende Superheld:

Je hebt nodig:

- Stoelen

De kinderen gaan met de knieën tegen elkaar aan, tegenover elkaar zitten, op een stoel zonder leuningen. Een kind. de superheld, wordt al liggende op zijn rug doorgegeven.

Hij wordt aan het einde van de rij 'opgevangen' door de leerkracht en neemt aan het eind van de rij plaats. Daarna wordt het volgende kind doorgegeven.

 

Activiteiten: Samenwerken


Groepsfiguur:

Je hebt nodig:

-

Op een teken van de leerkracht vormt de groep een figuur, zonder daarbij met elkaar te praten. Gebaren mogen wel worden gebruikt. Figuren die gevormd kunnen worden zijn bijvoorbeeld: een rechthoek (wolkenkrabber) of de letter S van Superman.

Laat het figuur ook op het digibord zien.


Aan boord!

Je hebt nodig:

- Touw, tape of afzetlint

De kinderen zijn Superhelden en moeten passen in een vooraf gestelde kleine ruimte: de Superheldenmobiel. Zet de ruimte af met touw, tape of afzetlint.

Je kunt de ruimte steeds kleiner maken.


Wolkenkrabbers:

Je hebt nodig:

- Stoelen

De kinderen zitten op stoelen in een kring en schuiven de stoelen zo dicht mogelijk tegen elkaar. Nu gaan de kinderen op de stoelen staan. Ze zijn Superhelden en staan op een wolkenkrabber. De leerkracht haalt telkens een stoel weg. De kinderen moeten nu bij elkaar op de stoel gaan staan en elkaar stevig vasthouden. De kinderen moeten erop vertrouwen dat ze elkaar niet laten vallen. Het spel stopt wanneer iemand 'gevallen' is.


Help!

Je hebt nodig:

-

Helden helpen anderen. Houd een gesprek over iemand helpen.

  • Schets bijvoorbeeld situaties en vraag de kinderen of dit prettiger is om alleen te doen of samen, bijv. Je fruit opeten, voetballen, naar de wc gaan, tikkertje spelen enz...

  • Wat is helpen?

  • Wanneer hebben zij hulp nodig?

  • Krijgen ze dat altijd?

  • Hoe regel je dat?

  • Wie moeten ze helpen: Een dief? Iemand die blind is? Een oude opa? Een eekhoorn? Een poes? Papa en mama? De juf? Andere kinderen? Een baby?

  • Waarom?

  • Is iedereen het daarmee eens?

  • Moet je altijd iemand helpen?

  • Hoe kun je iemand helpen?

  • Vraag de kinderen wie zij deze week willen helpen en hoe?

Stel gedurende de week daarop steeds de vraag of ze iemand hebben geholpen en hoe?


Kris-kras-kaart:

Je hebt nodig:

- Afbeeldingen van Superhelden

Scheur een aantal afbeeldingen in stukjes. Verdeel de kinderen in groepjes. Hoe snel kan ieder groepje deafbeelding weer compleet maken?


In de knoop:

Je hebt nodig:

-

Alle kinderen geven elkaar één hand en één kind, de Superheld, gaat even naar de gang.

De kinderen proberen flink in de knoop te raken door onder elkaar door te kruipen en over elkaar heen te stappen. Ze laten elkaars handen niet los!

Het kind op de gang komt terug en probeert de groep te redden en uit de knoop te halen.


Spiderman/De laserroom:

Je hebt nodig:

- Wol

Wikkel een web van een heleboel wol om de kinderen heen en laat ze in tweetallen samenwerken om dit weer uit de war te krijgen.

* Variatie: Maak met touw nep laserstralen en laat de kinderen hierbij zoveel mogelijk helpen. Als het parcours eenmaal is uitgezet kan het spel beginnen.

Het is de bedoeling dat ieder kind de overkant haalt zonder een laserstraal te raken.

De kinderen moeten samenwerken door elkaar zo goed mogelijk aanwijzingen te geven.

 

Activiteiten: Benzine geven


Je bent een Superheld als je niet meeloopt:

Je hebt nodig:

-

De kinderen gaan in tweetallen tegenover elkaar staan.

Het eerste kind gaat een minuut lang bewegingen maken en het andere kind doet deze zo precies mogelijk na. Dat doen ze zonder te praten, zodat ze goed kunnen kijken en zich goed kunnen concentreren. Na een minuut klapt de leerkracht in de handen en worden de rollen omgedraaid. Daarna verander je het spel een beetje. Het eerste kind gaat weer een minuut lang bewegingen maken, maar het andere kind doet deze nu niet na. In plaats daarvan probeert hij een minuut lang stil te zijn en te staan. Hij mag dus ook niet lachen.

Nu mag de ene eekhoorn de andere uit zijn concentratie proberen te halen, bijvoorbeeld door gekke bekken te trekken en uit te dagen. Laat het kind na twee minuten stoppen en bespreek de oefening na. Wat vonden ze lastig? Hoe lukte het toch om zich goed te concentreren? Hebben ze tips voor elkaar? Deze activiteit maakt kinderen bewust van het feit dat de kans groot is dat je onbedoeld voeding geeft aan pestgedrag en dat zij meer invloed kunnen uitoefenen dan zij zich vaak bewust zijn. De kern van deze aanpak is: Doe niet mee, dan doe je veel! Geef geen benzine aan vervelend gedrag! Veel grensoverschrijders hebben namelijk de aandacht van anderen nodig om door te kunnen gaan met vervelend gedrag. Hiermee verleg je de aandacht van het kind dat veel aandacht vraagt (de motor) naar diegenen die daar steeds aandacht aan geeft (de benzinepompen).

Je leert de kinderen ermee dat het beter werkt als ze zich niet op de kast laten jagen, er niet tegenin gaan, afstand nemen, zich niet irriteren en zich niet bang laten maken, maar dat het beter werkt om steun te zoeken bij een vriendje en iets anders te gaan doen.

Het leert kinderen ook, dat als hun vriendin of vriend vervelend gedrag vertoont en

daarom gaan giechelen, dat ze dan hun vriend/vriendin aanmoedigen om door te gaan.

Je bent juist stoer en een Superheld als je nee durft te zeggen tegen vervelend gedrag van jouw vrienden en vriendinnen. En als het te gek wordt loop je je niet mee, maar erbij weg.

De kans is groot dat vervelend gedrag dan uiteindelijk uitdooft. Een vervelend lopende motor kan niets beginnen als het geen benzine heeft.


Joker Face (Batman):

Je hebt nodig:

-

Joker Face is een spel dat de kinderen test op hun vermogen om niet te reageren op schurken. De kinderen zitten in een kring , een kind is de Joker en staat in het midden.

De Joker probeert iemand aan het lachen te maken zonder deze aan te raken.