Zoeken

Dino's: Opening/afsluiting

Bijgewerkt: een dag geleden

Het is belangrijk, om tijdens het plannen van een thema, als leerkracht goed na te denken over de startactiviteiten. Startactiviteiten moeten ervoor zorgen dat de kinderen enthousiast worden voor een thema. Het is dan ook belangrijk dat de activiteiten, die je kiest pakkend en betekenisvol zijn en nieuwsgierigheid opwekken. Wanneer kinderen zelf enthousiast zijn voor een thema, zullen zij meer tot leren komen. Ook zijn de startactiviteiten belangrijk om de voorkennis te activeren en leervragen voor het thema op te stellen. Door het opstellen van de leervragen en het maken van een plan kan vervolgens de rest van het thema worden vormgegeven. Thema’s kunnen op veel verschillende manieren gestart en afgesloten worden. In deze blog geef ik je suggesties om het thema dino's te openen.



Voorwerpen



Haal allerlei voorwerpen de klas in, die met dino's te maken hebben en waarmee je de nieuwsgierigheid van de kinderen kunt opwekken.

De kinderen komen de klas binnen en zien deze voorwerpen liggen.

Vervolgens zal een gesprek ontstaan over deze voorwerpen. Wat zijn dit voor voorwerpen? Wat kunnen we met deze voorwerpen doen?

  • De kinderen vinden een ei in de klas. Van wie zou dit kunnen zijn? Iedereen denkt mee en maakt er een tekening van. De volgende dag wordt er een tipje van de sluier opgelicht met behulp van een brief of filmpje of een andere hint. Langzamerhand wordt gedurende het project duidelijk van wie het voorwerp is.

  • De voorwerpen kunnen in een doos of koffer geplaatst worden. Deze geheimzinnige doos staat in de klas als de kinderen binnen komen. Iedere keer komt er wat uit de doos tevoorschijn. Wat is het? Wat kunnen we er mee doen? De kinderen zullen op ideeën komen en nieuwsgierig zijn naar de rest van de voorwerpen.

  • De kinderen nemen zelf spullen van thuis over dino's mee en vertellen erover.

Een verhalend ontwerp



Start het thema met een verhalend ontwerp. Dit betekent dat je een thema uitwerkt aan de hand van een verhaal of een verhaallijn, die de rode draad voor je lessen vormt en waarbij leerlingen actief meedoen en zelf ontdekkend leren, door op zoek te gaan naar oplossingen. Enkele variaties:

  • Er komt een dino-handpop op visite. Hij heeft een vraag of probleem.

  • De kinderen ontvangen een brief van een dino of opgraver, waarin hen om hulp wordt gevraagd. De opgraver geeft bijvoorbeeld aan dat hij aanwijzingen heeft dat er vroeger een dino leefde rondom de school en dat zijn botten ergens begraven liggen of de dino is bijvoorbeeld zijn nest kwijt. De kinderen bedenken zelf een oplossing voor het probleem en kiezen met welk materiaal ze dit gaan doen. Ze kunnen bijv. bouwen in de bouwhoek, iets maken van constructiematerialen, iets knutselen enz...

Drama



Drama kan op diverse manieren worden ingezet bij het openen/afsluiten van een thema. Enkele variaties:

  • De leerkracht komt als een dino of archeoloog de klas binnen

  • De leerkracht beeldt samen met een aantal leerkrachten een boek over dino's uit.

  • Een poppenkastvoorstelling over dino's.

  • De kinderen kunnen zelf een voorstelling verzorgen.

Een boek



Start het thema met het voorlezen van een boek over dino's.

Een speurtocht



Organiseer een speurtocht in of rondom de school.

Enkele variaties:

  • Een aantal leerkrachten/volwassenen verkleden zich als dino of archeoloog en lopen in en om de school heen. De kinderen zoeken deze personages op. Deze geeft ze vervolgens een letter, een deel van een plaatje of een dino-ei. Nadat alle personages gevonden zijn, wordt de naam of het plaatje in elkaar gepuzzeld of geteld wie de meeste dino-eieren heeft.

  • In de klas, school of rondom de school hangen overal afbeeldingen van dino's. De kinderen zoeken deze. Bij iedere afbeelding vinden ze bijvoorbeeld een stukje van een puzzelplaatje.

  • De kinderen volgen de voetsporen van een dino (pootafdrukken van papier). Onderweg moeten zij allerlei opdrachten uitvoeren. Aan het eind wacht een dino (een volwassene die verkleed is en klaar zit) met een mooi prentenboek over dinosaurussen om voor te lezen.

Een gast



Nodig eens een gast uit, die de kinderen meer kan vertellen over dit thema.

Laat de kinderen van tevoren leervragen bedenken.

Denk bij dit thema eens aan:

  • Een medewerker uit het dinolab van Naturalis. Dit kan via een online gastles van het Naturalis (voor 75 euro). Voordeel is dat de kinderen deze gewoon op school kunnen volgen. Je bekijkt samen met een medewerker verschillende skeletten en ziet hoe ze botten schoonmaken in het dinolab. Het is wel handig om eerst een tijdje over dino's gewerkt te hebben. De kinderen weten dan al wat en kunnen gerichter kijken en vragen stellen. Je regelt een gastles via deze link.

Een uitstapje



Maak eens een uitstapje. De kinderen kunnen het thema dan al direct van dichtbij beleven en ervaren en er later verder over praten.

Denk bij dit thema eens aan:

  • Een dino-museum

Een leergesprek



Bij het opstarten van een thema is het belangrijk dat de voorkennis wordt geactiveerd.

Deze kan bijvoorbeeld geactiveerd worden door een leergesprek.


Inventariseer wat de kinderen al weten en nog willen leren over dino's.

Daarna kan er een woordveld worden gemaakt of kunnen de weetjes op stroken worden genoteerd en opgehangen bij: wat weten we al?

Dit woordveld wordt gedurende het thema verder aangevuld . Als dit met een andere kleur gebeurt kunnen de kinderen hun eigen proces ook zien.


Stel vervolgens samen met de kinderen leervragen op. Ga in op wat ze zich afvragen.

Noteer deze vragen op (stroken op) de vragenwand: Wat willen we nog leren?

Vertel dat jullie gedurende het thema zoveel mogelijk van die vragen gaan proberen te beantwoorden. Laat de vragen zoveel mogelijk uit de kinderen komen en stimuleer ze met startvragen zoals:

  • Waarom...?

  • Hoe...?

  • Welke...?

  • Wanneer....?

  • Wat als...?

  • Waar...?

  • Hoe kun je...?

  • Als....dan....?

Bespreek hoe we de antwoorden op deze vragen zouden kunnen vinden?

Deel ze eventueel daar op in:

  • Wat kun je opzoeken in een boek of op internet?

  • Wat kun je navragen bij een ouder of deskundige?

  • Wat kun je zelf gaan onderzoeken?

  • Waar kun je iets voor ontwerpen?

Maak ook een opzoekhoek bij de vragenmuur. Zet daar bijv. boeken over dino's en tablets, waarop de kinderen bijv. video's kunnen kijken.


Naarmate de kinderen meer over dino's leren, kunnen ze deze vragen vervangen door de feiten. Verplaats deze stroken dan naar: "Dit zijn we te weten gekomen".


Houd bijvoorbeeld een leergesprek over:


Dino's:

  • Hoe zagen dino's eruit?

  • Leven dino's nog steeds?

  • Welke namen hadden de dino's?

  • Wat at de langnek dino het liefst?

  • Wat at de T-rex het liefst?

  • Waar kun je dino's zien?

  • Welke dieren lijken er op de dino’s van vroeger? En welke dieren leefden er toen en nu nog?


De archeoloog:

Vul een koffer met allerlei oude materialen. Wat zou het kunnen zijn? Waar werd het voor gebruikt? Van wie was het voorwerp? Maak vervolgens een koppeling naar archeologie en leg uit dat archeologen onderzoek doen naar materialen van heel lang geleden. Zelfs van voorwerpen die nog veel ouder zijn dan de spullen uit deze koffer.

  • Wat doet een archeoloog?

  • Wat heeft een archeoloog bij zich/aan?

  • Wat vinden archeologen zoals?

  • Waar kun je de spullen zien, die een archeoloog vindt?


Dino-eieren:

Laat de kinderen allerlei dino-eieren zien.

  • Welke verschillen zien ze? Denk hierbij aan grootte, kleur en patroon.

  • Welke dieren die nu leven leggen eieren? (vogels, kippen, struisvogels, vlinders, vissen, kikkers, krokodillen, pinguïns, schildpadden enz.)

  • Zijn die eieren even groot?

  • Welk dier legt het grootste ei? (Struisvogel: 15-18 cm lang)

  • Welk dier legt het kleinste ei? (De Bij kolibrie: 6 mm lang)


Fossielen:

Hoe weten we dat dino's echt bestaan hebben? Hebben we daar bewijs voor?

Ga met de kinderen in gesprek over fossielen, die van de dino's gevonden zijn.

Nadat de dino's uitgestorven zijn, zijn ze miljoenen jaren lang bedekt met modder en zand en dat is langzaam aan veranderd in steen. Zo zijn de botten, de tanden en poep van uitgestorven dino's ook langzaamaan van steen geworden.

Versteende botten, tanden en poep noem je fossielen. Paleontologen (wetenschappers) bekijken deze fossielen van dino's en door deze fossielen zijn ze te weten gekomen hoe de dino's eruit zagen, wat ze aten en hoeveel verschillende soorten er hebben geleefd.


Een dino-skelet:

Bekijk röntgenfoto's of skeletten van mensen, kippen en Iguanodons.

  • Hebben mensen, kippen en dino's alle drie botten? (ja, ze horen bij de gewervelde dieren, er zijn ook dieren zonder botten zoals slakken).

  • Zijn de botten van mensen, kippen en Iguanodons even groot en zwaar? (de botten van een kip zijn kleiner en lichter, ook omdat sommige botten hol zijn).

  • Hoe zit het met de armen en en benen/poten van mens, kip en een Iguanodon? (een mens loopt op twee benen en heeft twee armen, een kipt loopt op twee benen en heeft vleugels in plaats van armen, een Iguanodon heeft vier poten. Zijn achterste poten zijn wel sterker dan de voorste. Als hij snel moest lopen liep hij alleen op de achterste poten). Een mens heeft 5 tenen, een kip drie, de Iguanodon had bij zijn voorpoten vijf vingers en in plaats van een duim een hele grote stekel).

  • Hoe kunnen mens, kip en een Iguanodon hun mond open doen? (bij mensen beweegt alleen de onderkant van de kaak, bij kippen de onder en bovenkaak, zodat hun snavels ver open kunnen. Mensen krijgen maar 1x nieuwe tanden. Iguanodons kregen steeds weer nieuwe tanden als dat nodig was).


Vleeseters/planteneters:

Laat het gebit van een Tyrannosaurus Rex zien.

  • Waarom zou hij zulke scherpe, puntige tanden hebben?

  • Hebben mensen hetzelfde gebit?

  • Wat zou hij eten?

  • Wat eten mensen?

Leg uit dat een Tyrannosaurus Rex een vleesetende dino. Dat noem je met een moeilijk woord "carnivoor". Hij heeft die scherpe, puntige tanden nodig om vlees mee af te scheuren. Niet alle dino's waren vleeseters. Er waren ook dino's die alleen planten aten, zoals de Diplodocus. Dat noem je met een moeilijk woord "herbivoor". Zij hadden geen scherpe puntige tanden, maar hele lange tanden, die als een soort hark werkten en waarmee de dino's bladeren van de takken trok. Mensen zijn alleseters. Wij eten vlees, groente en fruit. Dat noem je met een moeilijk woord "omnivoor". Bij mensen zijn alleen de snij- en hoektanden scherp en puntig. Onze kiezen zijn juist stomp, omdat we daarmee kauwen en ons eten fijn malen. Het is erg leuk om na deze activiteit het liedje "Onze T-Rex" aan te leren. Deze is te vinden in mijn blog: "Dino's: Muziek".

Een praatplaat



Je kunt ook een leergesprek voeren aan de hand van een praatplaat.

Laat de kinderen vertellen wat zij daarop zien. Stel ook vragen, zoals: waar zie je...?

Wat doet... ? Hoeveel... zijn er? enz.

Als afsluiting kun je een leuk spelletje doen, zoals "Ik zie, ik zie wat jij niet ziet" of raadsels bedenken over dingen op de praatplaat.

Op de volgende websites vindt je praatplaten over dino's:

Juf Milou: Praatplaat dino

Een quiz



Organiseer een quiz over dino's.

Wat weten ze al of nog van het onderwerp af?

Een feest



Sluit het thema eens feestelijk af.

  • Laat de kinderen verkleed als dino's naar school komen.

  • Organiseer een dino-photoshoot.

Een modeshow



Houd een dino modeshow: Kijk met de kinderen naar verschillende dino's. Vraag welke bijzondere lichaamsdelen zij zien. Denk aan: een lange nek, hoorns, platen enz. Wat zou er handig zijn aan deze lichaamsdelen? Welk lichaamsdeel zouden de kinderen willen hebben en waarom? Laat de kinderen dit lichaamsdeel met kosteloos materiaal maken en houd daarna een dino-modeshow. Vraag de kinderen om te laten zien wat ze er allemaal mee kunnen.

Een dino-tentoonstelling


Organiseer een dino-tentoonstelling, waar de kinderen hun zelfgemaakte werkstukken kunnen presenteren. Maak samen met de kinderen een planning:

Wat moet er van tevoren gebeuren?

Wat hebben we nodig? Er kunnen bijvoorbeeld uitnodigingen, affiches, naambordjes en wegwijzers worden gemaakt. Wat kunnen we allemaal laten zien en aan wie?

Er kunnen bijvoorbeeld foto's, knutselwerken, muurkranten, toneelstukjes, optredens en Powerpoint presentaties worden getoond.

Laat de kinderen meehelpen met het uitstallen van de werkstukken en het rondleiden van de gasten. Oefen dit van tevoren in de kring.


Kijk voor meer suggesties ook eens op mijn Pinterest

Heb je zelf ook nog leuke suggesties? Laat dan een reactie achter!

6 keer bekeken0 reacties

© 2020 by juf Angelique. This website has been designed using resources from Freepik.com