Zoeken
  • Juf Angelique

De huishoek inrichten

Bijgewerkt op: 28 jul.

Een goed ingerichte hoek, die is afgestemd op de belevingswereld en ontwikkeling van de kinderen in je groep, kan in combinatie met de juiste begeleiding, een rijke leeromgeving vormen, die kinderen tot betrokken activiteit kan brengen en hen kan ondersteunen in hun brede ontwikkeling. Maar hoe creëer je zo'n krachtige rijke hoek, die bijdraagt aan het stimuleren van de ontwikkeling van kleuters?

In deze blog geef ik je tips voor een krachtige huis-/themahoek.



Poppenhoek of huishoek?

In elke kleuterklas is wel een plek waar kinderen het rollenspel of “doen alsof” spel kunnen oefenen. In veel van deze klassen wordt van een poppenhoek gesproken, maar deze term dekt naar mijn mening de lading totaal niet. Het spelen in deze hoek gaat namelijk veel verder dan het spelen met poppen. In deze hoek spelen de kinderen allerlei situaties uit het dagelijkse leven na. Daarom spreek ik in mijn klas liever van een huishoek.

 

Laat het perfecte plaatje los!


De gedrevenheid van kinderen om grip te krijgen op de werkelijkheid, vraagt om een gevarieerd aanbod van materialen en activiteiten die kinderen écht aanspreken.

Een rijke speel-/leeromgeving is een absolute voorwaarde om kinderen betrokken te maken.


In dit Internet-tijdperk is het natuurlijk vrij eenvoudig om aan ideeën voor de inrichting van je hoeken te komen. Op Pinterest zie je bijvoorbeeld vaak fantastische hoeken staan.

Bij het inrichten van je hoeken zou je jezelf echter niet aan deze perfecte plaatjes moeten willen meten en wel om deze redenen:

  • Deze hoeken zijn vaak erg leerkracht gestuurd en er is weinig inbreng van de kinderen

  • De hoeken zijn vaak ingericht met dure prachtige materialen.

Wanneer je dit in de klas zou willen, zou je veel eigen budget moeten gebruiken.

Is dit alles waard voor het perfecte plaatje?


Het klaslokaal is geen etalage. De ruimte waarin kleuters zich begeven moet ontwikkeling bevorderend zijn. Wanneer een ruimte bijdraagt aan het stimuleren en bevorderen van ontwikkeling noemen we dat een verrijkte omgeving. Een mooie perfecte hoek betekent niet dat kinderen meer leren, ervaren en ontdekken. Een verrijkte omgeving inrichten gaat over veel meer dan een gezellige inrichting. Het gaat over het inrichten van een omgeving die ten dienste staat van de door jou uitgestippelde educatieve route. Het moet dienen als didactisch en pedagogisch verlengstuk. Om dat te realiseren moet er dus een wisselwerking zijn tussen de ontwikkelingsvragen van de groep en het complete aanbod. Blijf dus liever de kinderen uit jouw klas voor ogen houden. Wat is de belevingswereld van deze kinderen en welk materiaal is populair. Vraag jezelf ook af wat je met de hoek wilt bereiken.


Om hoeken zo in te richten dat alle kinderen er graag in willen spelen en veel van leren houdt je bij het inrichten ervan rekening met de volgende voorwaarden:

  • De hoek moet de nieuwsgierigheid prikkelen. De kinderen moeten zich afvragen wat er allemaal te vinden en te doen is. Ze moeten zin hebben om aan de slag te gaan, te ontdekken en te spelen. Echter moeten we niet vergeten dat kleuters ook leren door herhalen en oefenen. Er moet dus een mooie wisselwerking zijn tussen vaste fundamenten in de groep en wisselende uitdagende variabelen. Daarbij zijn de fundamenten vaste speelplekken die aan minimale veranderingen onderhevig zijn en de variabelen alle materialen die je afwisselend aanbiedt.

  • De hoek moet gevuld zijn met krachtige materialen, die tot de verbeelding spreken en de fantasie prikkelen.

  • De grenzen en regels van de hoek moeten duidelijk zijn. De kinderen moeten precies weten wat ze er kunnen doen.

  • Een goed hoek is afgestemd op het ontwikkelingsniveau van de kinderen.

  • Veel bewegen is ook een belangrijk onderdeel van een verrijkte omgeving. Dit zorgt ervoor dat de hersenen verbindingen kunnen leggen en dat de motorische vaardigheden (verder) ontwikkeld worden. Door de lichamelijke en motorische ontwikkeling wordt de bewegingsvrijheid van een kind groter. Zo kan het kind steeds meer van de wereld om zich heen te verkennen. En hierdoor doet het weer nieuwe ervaringen op; door te horen, zien, proeven, ruiken en voelen. Dat stimuleert ook de cognitieve ontwikkeling van het kind.


Of een ruimte de ontwikkeling van een kleuter stimuleert zie je vrijwel meteen terug in het spelgedrag van kleuters en hun betrokkenheid. Haal de feedback dus vooral uit hun spelgedrag. Wanneer zij speelplekken vermijden of materialen onberoerd in de kasten laten staan, weet je vaak al meer dan genoeg.


In veel kleutergroepen is de omgeving in de loop der jaren echter verarmt en mist de inrichting visie en afstemming. Hierdoor kan het zomaar zijn dat kinderen in de ene groep grotere ontwikkelingskansen hebben dan in een andere groep, puur en alleen door de verschillen in aandacht en zorg voor de materialen. Investeer dus in het verrijken van de inrichting binnen én buiten.


Wil je voorkomen dat er grote verschillen zijn in de ontwikkelkansen tussen de kleutergroepen? Werk dan met kwaliteitskaarten, waarmee je gezamenlijke afspraken maakt over de inrichting en het aanbieden van materialen.

 

Maak priori-tijd!


Heb je geen tijd voor het inrichten van de hoeken? Maak dan priori-tijd!

Vraag jezelf af waarvoor je je tijd gebruikt, of die dingen echt belangrijk zijn en wat het voor resultaat oplevert. Vraag jezelf ook af of tijd het enige is wat je tegenhoudt bij het inrichten van je hoeken. Misschien zit er wel iets achter die "tijd". Focus je vervolgens op datgene wat het meest belangrijk is. Bedenk wat je het belangrijkste vindt en durf dit bovenaan je lijstje te zetten. Je kunt nu eenmaal niet alles tegelijk. Maak bij je schoolleiding kenbaar dat je meer tijd wilt voor het inrichten en uitdagend maken van je hoeken, omdat het belangrijk is voor de ontwikkeling van de kinderen.

Keuzestress tussen een teveel aan ideeën kan ook een tijdobstakel zijn, doordat je te lang blijft hangen in het verzamelen voordat je tot actie overgaat, omdat je niet weet waar te beginnen. Uiteindelijk doe je misschien zelfs helemaal niets en voel je je er misschien nog slecht over ook. Bedenk je steeds dat doen beter is dan perfectie. Iedere hoek is beter dan een hoek die alleen maar in je hoofd zit. Een hoek moet juist ook niet perfect zijn, maar groeien en steeds beter worden, in samenwerking met de kinderen. Begin gewoon eens met één hoek tegelijk!

Wanneer de priori-tijd er is, is het overigens nog steeds niet de bedoeling dat je alle hoeken na schooltijd inricht.

 

Betrek de kinderen erbij!


Het inrichten van hoeken hoeft ook helemaal niet zoveel tijd te kosten, wanneer je de kinderen meer eigenaarschap bij het inrichten van de hoeken geeft en samen de hoeken onder schooltijd inricht. Wanneer je de touwtjes uit handen durft te geven en de kinderen bij het inrichten van de hoeken betrekt, scheelt dat je niet alleen heel veel tijd , maar op die manier werk je ook nog eens volledig uit de belevingswereld van de kinderen en heb je een grotere betrokkenheid. Bovendien voelt het voor de kinderen als een eigen succes. leren bovendien veel van het maken en bedenken van hoeken: hoe groot moet de hoek zijn, past deze kast ook aan de andere kant van de klas (meten), hoeveel tafels kunnen we in deze hoek kwijt, welke spullen hebben we nodig, wat hoort allemaal bij dit thema, hoe speel je in deze hoek, welke rollen kan je hier spelen? Kortom: Je tijd gebruiken om samen met de kinderen hoeken in te richten levert veel meer op. Bovendien kan een opeens compleet veranderde klas als ze op school komen voor sommige kinderen heel verwarrend zijn en veel prikkels geven.

Hoe pak je dat aan?

Zorg allereerst aan het begin van een thema altijd voor een prikkelende startactiviteit, waardoor er meteen betrokkenheid is. Dit kan bijvoorbeeld een voorwerp zijn.

Vervolgens bedenk je samen met de kinderen welke hoek ze in de klas willen en welke spullen ze daarvoor nodig hadden. Wanneer je dit voor het eerst gaat doen, is het belangrijk om bijvoorbeeld een woordveld te maken of alles op een groot papier te tekenen.

Ga vervolgens samen op zoek. Laat kinderen ook materialen van thuis meenemen om nog meer betrokkenheid te creëren. Kinderen zijn creatief en komen vaak op hele leuke dingen. Mocht er te weinig komen dan kun je ook een oproepje doen in het schoolnieuws of op zoek gaan naar koopjes in de kringloopwinkel of op Marktplaats.

Vind je het lastig kinderen meer eigenaarschap te geven? Binnen dit eigenaarschap kun je natuurlijk op verschillende manieren differentiëren.

Bekijk welke aanpak het beste bij jou, je school en de kinderen past:

  • De leerkracht bedenkt een hoek vanuit de doelen en richt de hoek in na schooltijd.

  • De leerkracht bedenkt een hoek vanuit de doelen en richt de hoek in samen met de kinderen. De leerkracht geeft aanwijzingen welke materialen er gemaakt of geplaatst moeten worden en de kinderen voeren dit uit.

  • De leerkracht geeft aan bij de kinderen welke hoek er in de klas komt en de kinderen mogen bedenken welke materialen er nodig zijn. De leerkracht noteert deze op een lijst en verzamelt deze materialen samen met de kinderen.

  • De leerkracht bespreekt met de kinderen dat er binnen het op dat moment spelende thema een hoek ingericht gaat worden. Samen met de kinderen bedenkt hij/zij een hoek en laat hij/zij de kinderen bedenken welk spel hierin gespeeld gaat worden en laat hij/zij de kinderen de materialen verzamelen of maken en zelf de hoek inrichten. De leerkracht voegt iets toe wanneer dit nodig is om het spel te structureren of om een doel centraler naar voren te brengen. De leerkracht geeft de kinderen ruimte ideeën te ontplooien en uit te voeren.

 

Ruim op!


Om een leerrijke huis-/themahoek te creëren begin je met het opruimen van de oude hoek.

Veel kleuterleerkrachten zijn verzamelaars en zien overal kansen liggen voor spel.

De hoeken liggen daardoor vaak vol met materialen. De kinderen gaan echter niet meer spelen met meer spullen. Het is juist omgekeerd! Less is more!

Jonge kinderen hebben namelijk vaak nog moeite met focus houden.

Veel materiaal zorgt niet voor beter spel en kan juist afleiden en een terugval naar het manipulerende rommelende spel veroorzaken. Wanneer er veel rommel in je huis-/themahoek wordt gemaakt komt dat vaak doordat er te veel spullen liggen.

Kinderen kunnen heel goed spelen met weinig materialen, zeker als het materialen met een open eind zijn en dus niet van tevoren al vaststaat wat je ermee kan doen.

Vergeet ook niet dat de kinderen eerst ervaringen met de materialen moeten opdoen en vaardig moeten worden in het gebruik hiervan. Breng voor optimale spelkansen dus orde en structuur aan, doseer en wissel liever af met de spullen.


De eerste stap bij het inrichten van je hoeken is dan ook om eens kritisch na te gaan of alle materialen die er al liggen moeten blijven liggen.

Zeker wanneer je je hoeken elk jaar weer op dezelfde manier inricht en er alleen nieuwe materialen bij legt, zonder iets weg te doen. Dit kan overigens ook heel goed onder schooltijd samen met de kinderen. Op die manier wordt het geen extra taak en verhoog je zelfs de betrokkenheid. Vraag je bij het opruimen steeds af of het nog bruikbaar is, of de kinderen er vaak mee spelen, of het NU in de hoek moet liggen of bewaard kan worden tot een ander thema, of je er niet teveel van hebt (denk aan de serviesjes etc.)?

Gooi kapotte materialen weg! Vul de hoek daarna ook niet meteen met allerlei nieuw materiaal. Kijk eerst eens wat er gebeurt nu er weinig ligt. Heb je echt niets om weg te gooien, maar is je hoek wel erg vol? Doe dan toch een gedeelte weg.

Je kunt deze spullen uiteraard gewoon bewaren, maar niet in je lokaal. Wanneer je er geen geld aan hebt uitgegeven (dit geldt bijv. vaak voor de loose parts) en het zo weer met een oproepje aan ouders in je klas zou kunnen krijgen zou ik de spullen zeker weg doen.

Het opslaan van alle spullen neemt anders echt teveel plek in beslag. Je zou ook kunnen rouleren met andere groepen binnen je school.

Tip: Plaats de spullen die je weg wilt doen en waar een ander mogelijk nog iets aan zou kunnen hebben eens op (Onderwijs)marktplaats. Van de opbrengst kun je weer investeren in andere materialen.

 

Sluit aan bij de belevingswereld!


Bedenk vervolgens hoe je de huis-/themahoek bij het thema van de klas kunt laten passen.

Probeer via gesprekjes te ontdekken wat er op dit moment bij kinderen leeft. Je hoeft de hoek niet meteen op z'n kop te zetten; een kleine aanpassing kan voldoende zijn.

Welke vragen stellen ze zichzelf of aan jou? Probeer los te komen van je eigen aanbod en vertrek vanuit de interesses van de kleuters. Het is ook niet nodig om deze hoek bij ieder thema aan te passen. Las daarnaast ook eens een periode in waarbij er geen thema is, zodat je kunt observeren wat kinderen dan zelf kiezen om te spelen.

Wat spreekt hen aan? Waar grijpen ze steeds weer naar terug?

 

Bedenk welke doelen je wilt verwerken!


Stel bij je aanbod vragen zoals: Wat is mijn bedoeling met dit aanbod?

Waarom breng ik dit in? Wat vind ik belangrijk in deze hoek? Welk spel wil ik uitlokken? Heeft mijn hoek ruimte voor gericht en vrij spel? Heeft mijn hoek een duidelijke leerfunctie? Waaruit bestaat mijn begeleiding dan precies? Voor welke kleuters is begeleiding echt nodig? Heeft mij hoek voldoende afwisseling? Of kan het ook op een andere manier, met een kleinere groep of met een andere werkvorm?

Meer hierover lees je in mijn blog "beredeneerd spel".


Besef je dat doelen vooral in jouw hoofd zitten en niet in het hoofd van de kinderen.

Het is een verwachting van jezelf. Verwachtingen hebben is goed.

Het betekent dat je oefent in het herkennen van interesses, behoeften en het niveau van kinderen. Verwachtingen mogen alleen geen opdrachten worden, want dan heb je geen spel meer. Als kinderen spelen zijn ze eigenlijk doelloos bezig, dan gaat het meer om het proces, niet om het eindproduct. Spel is vrij van opdrachten en je verwachtingen opleggen is vergelijkbaar met een opdracht. Je moet verwachtingen dus ook weer durven loslaten en er niet van uitgaan dat de kinderen met jouw doel voor ogen spelen. Focus je dus niet op resultaten. Het spelen in hoeken is niet hetzelfde als ‘oefenen voor een toets’.

Je kunt doelen hooguit uitlokken door voorwaarden aan te reiken. Als kinderen niet spelen wat jij had verwacht dan is dat ook helemaal niet erg. Spel is namelijk altijd goed als het aan twee voorwaarden voldoet. Ten eerste moet je respectvol met elkaar omgaan.

Ten tweede moet je materialen die heel moeten blijven ook heel laten.

Dus stenen in de zandbak gooien is prima, stenen tegen iemands hoofd gooien niet.

 

Zoek een geschikte ruimte!


Welke plek is nou eigenlijk een goede plek voor jouw huis-/themahoek?

Hier volgen een aantal tips:

Aangezien het belang van spelen in de huis-/themahoek erg groot is mag de huishoek best een prominente plek in het klaslokaal of gang krijgen.

  • Kies bij voorkeur een plek waar je veel daglicht hebt (bij het raam).

  • Vaak zijn huis-/themahoeken veel te klein. Spelen neemt letterlijk ruimte in beslag. Maak de hoek zo groot mogelijk en laat er zeker 3-4 kinderen in spelen. Reken op ongeveer 2 vierkante meter per kind.

  • Zorg ervoor dat de hoek goed veilig afgebakend is (bijvoorbeeld met kasten, een klamboe, panelen, een vloerkleed en/of lappen). Deze grenzen duiden de eigenheid van een hoek aan en maken de kinderen los van het "klasgevoel" Daarnaast creëren ze een speelplek waar kinderen zich veilig kunnen voelen en diep betrokken kunnen raken, omdat er dan niets is dat de aandacht afleidt. Een huishoek is natuurlijk het leukst als je ook echt het gevoel hebt dat je in een huisje zit, met één ruimte waarin kinderen in en uit kunnen lopen, de deur! Maak de afscheidingen bij voorkeur laag of doorschijnend, zodat je zicht hebt op het spel in een hoek. Met verplaatsbare afscheidingen kun je de hoek eventueel vergroten of verkleinen.

  • Kijk daarnaast ook eens welke hoek goed naast de huishoek kan staan en het samenspel stimuleert.

  • Kies bij voorkeur geen plek naast stille speelplekken.

  • Gebruik een pictogram om de functie van de hoek visueel te maken, eventueel aangevuld met een pictogram hoeveel kinderen er mogen spelen.

 

Te weinig ruimte?


Vroeger was het heel gebruikelijk om in een school speciale kleuterlokalen te bouwen, waar over het algemeen meer ruimte was. Tegenwoordig hebben in de meeste gevallen alle lokalen dezelfde vierkante meters en zijn de ruimtes vaak erg beperkt.

Met een gemiddelde groepsgrootte van 30 kleuters is het zoeken naar de optimale inrichting geen gemakkelijke opgave. Lerend spelen vraagt echter om voldoende ruimte voor speelhoeken en de mogelijkheid om regelmatig te veranderen. Door kinderen letterlijk veel ruimte te geven, geef je ze figuurlijk ook veel ruimte om zich via spel te ontwikkelen.

Vind je dat je in je lokaal te weinig ruimte hebt om een huishoek en/of een themahoek te maken? Denk dan eens aan de volgende oplossingen om de beschikbare ruimte zo efficiënt mogelijk te benutten:

  • Gebruik de gang.

  • Om extra ruimte te creëren kun je ook met een etage gaan werken. Je kunt dan ook een combinatie maken met een andere hoek op de andere verdieping. Heb je voldoende ruimte denk dan eens aan het toevoegen van een woongedeelte/kamer. Dit kan bijvoorbeeld een slaapkamer of een douche zijn. Door het toevoegen van zo'n extra ruimte kun je het spel een flinke impuls geven. Deze etage moet echter wel aan allerlei eisen voldoen, dus laat je hierover goed voorlichten door bijvoorbeeld een schoolleverancier. Op Speelhuis vind je verschillende voorbeelden hiervan. Bedenk wel goed welke hoek je dan boven en beneden wil maken. Het is bijvoorbeeld niet handig als er boven je hoofd gestommeld wordt of blokken vallen, wanneer je rustig een boekje wilt lezen. Hoeken waar kinderen niet al te lang spelen kun je ook beter niet boven plaatsen. Zorg ervoor dat je ook het spel bovenin de vide goed kan blijven observeren. Wanneer het spel daar regelmatig wilder van aard is geef je de vide een andere invulling. Zorg ook voor voldoende (extra) licht in de hoek beneden. Denk verder aan de veiligheid. Zet bijvoorbeeld geen tafels langs de rand, waar de kinderen op kunnen klimmen. Ook moeten de hekwerken zo zijn gebouwd dat ze stevig zijn en dat kinderen er niet snel overheen gaan hangen. De trap moet ook goed toegankelijk zijn.

  • Wanneer jouw school meerdere kleuterklassen telt, die bovendien aan elkaar grenzen, zou je er ook eens aan kunnen denken om in die gezamenlijke aangrenzende ruimte samen een huis-/themahoekhoek in te richten, waar kinderen van meerdere klassen tegelijk in kunnen spelen. Ook zou je de hoek om de beurt kunnen delen. Een grotere variant hierop is het leerplein; een grote ruimte waaraan meerdere klassen grenzen, die ingericht wordt met meerdere hoeken. Je kunt nog een stapje verder gaan en niet alleen de gang als een gezamenlijke ruimte te zien, maar ook de lokalen. Je kunt er in dat geval voor kiezen om tegelijk te spelen en de kinderen dus tegelijkertijd gebruik te laten maken van beide lokalen. Je kunt het rooster ook zo inrichten dat er steeds een groep in twee lokalen tegelijk kan spelen, bijvoorbeeld omdat de andere groep op dat moment naar buiten of de speelzaal is. Elke school is weer anders wat betreft de mogelijkheden en visie hierin. Wanneer je er als school voor kiest om een speelhoek te delen met de Voorschool of groep 3, dan is er wel differentiatie nodig en moet er voldoende materiaal zijn om de basisinrichting makkelijk te verrijken.

Soms is het lastig om te zien wat er allemaal mogelijk is en kan het helpend zijn om een collega eens mee te laten kijken en om tips te vragen. Frisse ogen zien altijd meer.

 

Zorg voor een goede basis!


Bij het inrichten van een huis/themahoek heb je allereerst een goede, vaste (veilige) basis nodig, bestaande uit:

  • Een keuken met servies, bestek, pannen en etenswaren. Er moet voldoende materiaal aanwezig, zodat de volgende dagelijkse handelingen kunnen worden uitgespeeld: koken, tafeldekken, samen eten, afruimen en afwassen. De inrichting van de keuken moet logisch en herkenbaar zijn. Let daarbij ook op de verhouding tussen de vaste en losse materialen. Een echte grote soeppan op een mini-keuken klopt natuurlijk niet. Aandacht voor aantallen en afmetingen is ook nodig bij het serviesgoed. Dus mocht je 4 borden aanbied, dan bied je evenveel messen, vorken, lepels en kopjes aan.

  • Een tafel met voldoende stoelen voor alle kinderen die in de huishoek spelen. De keuze voor het aantal die je hierin maakt bepaalt dus meteen het maximaal aantal kinderen, die in de huishoek mag spelen.

  • Een babypop met babyspullen, zoals een commode en kleertjes, een kinderwagen, badje, een draagzak en een wiegje.

  • Kleding, schoenen en accessoires (zoals tasjes, kettingen, klipoorbellen, hoofddoeken, stropdassen en brillen). Deze moeten wel aansluiten bij de rollen die er gespeeld kunnen worden in de huishoek en het moet passen bij de functie van de huishoek en makkelijk aan en uit te trekken zijn. Zorg tevens dat de kleding en schoenen netjes gepakt en terug opgehangen kunnen worden.

  • Een peutermatrasje dat fungeert als bed. Deze is ideaal van formaat. Zorg ervoor dat het bed ook is opgemaakt.

  • Denk ook eens aan een spiegel, kam, verzorgingsspullen, een pluche huisdier, een telefoon, een portemonnee met geld, schoonmaakspullen.

De basisinrichting moet kinderen minimaal 20 minuten actief aan het werk kunnen houden.

Je kunt de huishoek gezelliger maken met een huisnummer, mat, brievenbus, bloembakken, gordijntjes, een kleed en verlichting.


Zorg voor stevig materiaal. Kapotte materialen lokken geen goed spel uit en kun je dus het beste eruit halen. De hoek moet spel uitlokken door gebruik van herkenbaar materiaal zoals een echte pan of een echte schemerlamp. Wanneer kinderen iets niet herkennen zullen ze ook niet weten wat ze ermee kunnen spelen. Daarnaast moeten er ook multifunctionele meubels en spullen in de huis-/themahoek staan, die tot de verbeelding spreken en de kinderen uitdagen om hun fantasie de vrije loop te laten, zodat de kinderen er zelf een betekenis aan kunnen geven.

Zorg er ook voor dat dat de materialen overzichtelijk opgeborgen kunnen worden, zodat de kinderen weten waar ze iets kunnen vinden. Investeer in goede stevige opbergbakken, het liefst in dezelfde maat, zodat je ze makkelijk kunt stapelen. Bewaar de materialen liever niet in een gesloten kast of bak.

De kans is klein dat de kinderen deze vanzelf zullen openen. Plaats de materialen liever in halfhoge, doorzichtige bakken of bakken met een etiket erop, zodat kinderen de materialen ook weer zelfstandig kunnen opruimen.

Voeg bijvoorbeeld in je bestekbak de eerste letter van het object toe (de L van Lepel) en je pikt direct weer een taaldoel mee. Dit maakt ook het opruimen eenvoudiger.


Tip: Zet ook eens een echte plant in je huis-/themahoek en laat de kinderen deze zelf verzorgen.


Doordat de huishoek echt tot het fundament van een kleutergroep behoort, moet je deze hoek niet benutten als themahoek. Die kan wel naast de huishoek staan en ermee verbonden zijn, maar zeker voor de jongere kinderen in de groep moet het basisspel in de huishoek altijd beschikbaar zijn.

 

Vul de basis aan!


Wanneer de vaste veilige basisinrichting er is kun je de hoeken gaan aanvullen met specifieke materialen, die je steeds wisselt, zodat er regelmatig nieuw spel kan ontstaan.

Zorg voor materialen met een helder ontwikkelingsdoel, die aansluiten bij je beredeneerde aanbod. Bouw een hoek ook stap voor stap op, bied dus niet alles in een keer aan.


Realistisch speelgoed en echte materialen, helpen kinderen om op verhaal te komen. Daarnaast zijn, voor het optimaal stimuleren van de spelontwikkeling, open materialen onmisbaar. Dat zijn alle materialen waaraan kinderen een eigen bedoeling kunnen geven. Denk bijvoorbeeld aan dozen, lappen, blokjes, ijsstokjes, schelpen, takken, een pot met kralen. Kinderen kunnen hier hun eigen betekenis aan geven. Ze gebruiken het materiaal op een manier die past in hun spel, geven er hun eigen invulling aan.


Zorg ervoor dat er voor alle kinderen herkenbare en aantrekkelijke materialen en voorwerpen aanwezig zijn in de speelleeromgeving: houd daarbij rekening met culturele diversiteit en verschillen in belangstelling en voorkeuren. Denk bijvoorbeeld aan een theehoekje in Marokkaanse stijl, verkleedkleren die verschillende culturen vertegenwoordigen, diverse materialen in de keuken (zoals eetstokjes) of variatie in muziek.


Zorg dat er altijd mogelijkheden zijn om verschillende materialen met elkaar te combineren. Dat leidt tot rijker spel. Juist door verschillende materialen in een hoek te kunnen combineren, wordt de fantasie en het denken geprikkeld. Kinderen kunnen op deze manier meerdere ervaringen in samenhang opdoen. Geef kinderen ook de gelegenheid om materialen uit andere hoeken te gebruiken als dit past bij hun spel.


Zorg dat kinderen binnen hun spel ervaringen op kunnen doen met schrijven en lezen, met schema’s of met rekenen. Afhankelijk van hun ontwikkeling doen kinderen dat op hun eigen manier, of al veel meer zoals volwassenen dat doen. In de dierenwinkel wordt een lijst bijgehouden van welk dier wat eet en hoeveel. De dokter schrijft met behulp van pictogrammen recepten voor de apotheek. In het ziekenhuis moeten kinderen gewogen en gemeten worden. In de schoenenwinkel zijn schoenmaten en prijskaartjes nodig.

In de bloemenwinkel kunnen klanten gelukwensen of beterschap schrijven op een kaartje. De bushalte heeft een tijdschema en routekaart.

Voeg ook labels en pictogrammen toe die aangeven wat waar moet staan.


Laat kinderen zoveel mogelijk materialen zelf maken. Vaak zijn ze dan ook voorzichtiger met het materiaal. Maak hier foto's van en verzamel deze in een portfolio. Op die manier kun je de verplichte knutselwerken bij thema's ook laten vervallen.


Ook in de omgang met en mogelijkheden van de materialen in de hoeken hebben kinderen instructie nodig. Laat nieuwe spullen daarom altijd eerst in de kring zien en bespreek wat de kinderen ermee kunnen doen. Laat het manipulatieve spel eerst voordoen (bijvoorbeeld vegen met een bezem). Bespreek ook welke rollen daarbij nodig zijn.

Een schoonmaker moet bijvoorbeeld vegen, stofzuigen, stoffen en ramen zemen.

Laat al deze handelingen aan bod komen, en benoem ze. Als je tijdens het spelen een bezoek brengt aan een hoek, refereer je aan deze uitleg. Wat deed de schoonmaker ook al weer? Laat kinderen na het speelwerken hun ervaringen met het nieuwe materiaal vertellen. Dit brengt de andere kinderen ook weer op nieuwe ideeën.


Spel ontwikkelt zich van klein naar groot. Dit betekent dat een kleuter aanvankelijk wellicht wel graag het spel in de hoek wil onderzoeken, maar daarin bijvoorbeeld nog niet alle losse elementen van een hoek weet te verbinden. Niet iedere inrichting van een spelplek is daardoor passend voor ieder spelniveau dat gebruik gaat maken van deze plek.

Je kunt er in je aanbod wel op inspelen. Hoe jonger het geobserveerde spelgedrag van een kind is, hoe minder materialen je aanbiedt, zodat kinderen eerst flink kunnen oefenen met een kleine selectie aan materialen. Bied dus eerst een kleine hoek aan en werk toe naar het spel in de grote hoek. Teveel materiaal kan sowieso verlammend werken en leidt eerder tot rommelen dan tot spelen. Vraag je dagelijks af of materiaal het spel van ki