Zoeken

De boerderij: Opening/afsluiting

Bijgewerkt: jun 10

Het is belangrijk, om tijdens het plannen van een thema, als leerkracht goed na te denken over de startactiviteiten. Startactiviteiten moeten ervoor zorgen dat de kinderen enthousiast worden voor een thema. Het is dan ook belangrijk dat de activiteiten, die je kiest pakkend en betekenisvol zijn en nieuwsgierigheid opwekken.

Wanneer kinderen zelf enthousiast zijn voor een thema, zullen zij meer tot leren komen.

Ook zijn de startactiviteiten belangrijk om de voorkennis te activeren en leervragen voor het thema op te stellen. Door het opstellen van de leervragen en het maken van een plan kan vervolgens de rest van het thema worden vormgegeven.

Thema’s kunnen op veel verschillende manieren gestart en afgesloten worden.

In deze blog geef ik je suggesties om het thema de boerderij te openen en/of af te sluiten.



Thematafel


Richt een thematafel in. Denk hierbij aan:

  • Knuffels van boerderijdieren

  • Boeken over de boerderij

  • Een boerderij

Maak tijdens je thema foto's van de activiteiten en hang deze op.

Creëer hiervoor een stukje projectmuur. Op die manier kun je met de kinderen terugkijken op een thema en kunnen ze elkaar vertellen over hun activiteiten en elkaar inspireren.

Aankleding van de klas


Breng je lokaal in de sfeer van het thema. Denk hierbij aan:

  • Een raamschildering: Beschilder de ramen of hang grote geplastificeerde A3 afbeeldingen op. Gebruik raamverf of krijtstiften. Krijtstift kan je gemakkelijk van de ramen afvegen met alleen een nat doekje. Voor het opzetten vergroot je een afbeelding onder het kopieerapparaat en plak deze aan de andere kant van het raam. Trek deze vervolgens over.

Voorwerpen


Haal allerlei voorwerpen de klas in, die met de boerderij te maken hebben en waarmee je de nieuwsgierigheid van de kinderen kunt opwekken.

De kinderen komen de klas binnen en zien deze voorwerpen liggen.

Vervolgens zal een gesprek ontstaan over deze voorwerpen. Wat zijn dit voor voorwerpen? Wat kunnen we met deze voorwerpen doen?

  • De kinderen vinden bijvoorbeeld een ei in de klas. Van wie zou dit kunnen zijn? Iedereen denkt mee en maakt er een tekening van. De volgende dag wordt er een tipje van de sluier opgelicht met behulp van een brief of filmpje of een andere hint. Langzamerhand wordt gedurende het project duidelijk van wie het voorwerp is.

  • De voorwerpen kunnen in een doos of koffer geplaatst worden. Deze geheimzinnige doos staat in de klas als de kinderen binnen komen. Iedere keer komt er wat uit de doos tevoorschijn. Wat is het? Wat kunnen we er mee doen? De kinderen zullen op ideeën komen en nieuwsgierig zijn naar de rest van de voorwerpen.

  • De kinderen nemen zelf spullen van thuis mee en vertellen erover.

Een verhalend ontwerp


Start het thema met een verhalend ontwerp. Dit betekent dat je een thema uitwerkt aan de hand van een verhaal of een verhaallijn, die de rode draad voor je lessen vormt en waarbij leerlingen actief meedoen en zelf ontdekkend leren, door op zoek te gaan naar oplossingen. Enkele variaties:

  • Er komt een boer (handpop) op visite. Hij heeft een vraag of probleem.

  • De kinderen ontvangen een brief van een boer, waarin hen om hulp wordt gevraagd bij een probleem. De kinderen bedenken zelf een oplossing voor het probleem en kiezen met welk materiaal ze dit gaan doen. Ze kunnen bijv. bouwen in de bouwhoek, iets maken van constructiematerialen, iets knutselen enz...

  • Laat de kinderen hun lievelingsknuffel mee naar school nemen. Hier mogen ze mee spelen tijdens de werkles. Maak ook een leuke groepsfoto van de kinderen met hun boerderijdieren.

Drama


Drama kan op diverse manieren worden ingezet bij het openen/afsluiten van een thema. Enkele variaties:

  • De leerkracht komt als een boer(-in) of boerderijdier de klas binnen

  • De leerkracht beeldt samen met een aantal leerkrachten een boek over de boerderij uit.

  • Een poppenkastvoorstelling over de boerderij.

  • De kinderen kunnen zelf een voorstelling verzorgen.

Een boek


Start het thema met het voorlezen van een boek over de boerderij.

Een speurtocht


Organiseer een speurtocht in of rondom de school.

Enkele variaties:

  • Een aantal leerkrachten/volwassenen verkleden zich als .boerderijdier en lopen in en om de school heen. De kinderen zoeken de dieren op. Het dier geeft ze vervolgens een letter of een deel van een plaatje. Nadat alle dieren gevonden zijn, wordt de naam of het plaatje in elkaar gepuzzeld.

  • In de klas, school of rondom de school hangen overal afbeeldingen van boerderijdieren. De kinderen zoeken deze. Bij iedere afbeelding vinden ze bijvoorbeeld een stukje van een puzzelplaatje.

  • De kinderen volgen de voetsporen van een boerderijdier ( pootafdrukken van papier). Onderweg moeten zij allerlei opdrachten uitvoeren. Aan het eind wacht een boer(-in) of boerderijdier (een volwassene die verkleed is en klaar zit) met een mooi prentenboek over de boerderij om voor te lezen.

  • Maak een geluidenspeurtocht door de klas of school met geluiden, die passen bij afbeeldingen of voorwerpen, die de kinderen onderweg tegenkomen. De kinderen volgen de route door naar de audiofragmenten te luisteren.

Een gast


Nodig eens een gast uit, die de kinderen meer kan vertellen over dit thema.

Laat de kinderen van tevoren leervragen bedenken.

Denk bij dit thema eens aan:

  • Een boer(-in). Vraag of de boer op bezoek komt in zijn werktenue dus in overall met laarzen of klompen aan. Misschien wil hij wel in zijn tractor/trekker komen?

  • Een molenaar

Een uitstapje


Maak eens een uitstapje. De kinderen kunnen het thema dan al direct van dichtbij beleven en ervaren en er later verder over praten.

Denk bij dit thema eens aan:

  • De (kinder-)boerderij

  • Een molen

Een leergesprek


Bij het opstarten van een thema is het belangrijk dat de voorkennis wordt geactiveerd.

Deze kan bijvoorbeeld geactiveerd worden door een leergesprek.


Inventariseer wat de kinderen al weten en nog willen leren over de boerderij.

Daarna kan er een woordveld worden gemaakt of kunnen de weetjes op stroken worden genoteerd en opgehangen bij: wat weten we al?

Dit woordveld wordt gedurende het thema verder aangevuld . Als dit met een andere kleur gebeurt kunnen de kinderen hun eigen proces ook zien.


Stel vervolgens samen met de kinderen leervragen op. Ga in op wat ze zich afvragen.

Noteer deze vragen op (stroken op) de vragenwand: Wat willen we nog leren?

Vertel dat jullie gedurende het thema zoveel mogelijk van die vragen gaan proberen te beantwoorden. Laat de vragen zoveel mogelijk uit de kinderen komen en stimuleer ze met startvragen zoals:

  • Waarom...?

  • Hoe...?

  • Welke...?

  • Wanneer....?

  • Wat als...?

  • Waar...?

  • Hoe kun je...?

  • Als....dan....?

Bespreek hoe we de antwoorden op deze vragen zouden kunnen vinden?

Deel ze eventueel daar op in:

  • Wat kun je opzoeken in een boek of op internet?

  • Wat kun je navragen bij een ouder of deskundige?

  • Wat kun je zelf gaan onderzoeken?

  • Waar kun je iets voor ontwerpen?

Maak ook een opzoekhoek bij de vragenmuur. Zet daar bijv. boeken over de boerderij en tablets, waarop de kinderen bijv. video's kunnen kijken.


Naarmate de kinderen meer over de boerderij leren, kunnen ze deze vragen vervangen door de feiten. Verplaats deze stroken dan naar: "Dit zijn we te weten gekomen".

Een praatplaat


Je kunt ook een leergesprek voeren aan de hand van een praatplaat.

Laat de kinderen vertellen wat zij daarop zien. Stel ook vragen, zoals: waar zie je...?

Wat doet... ? Hoeveel... zijn er? enz.

Als afsluiting kun je een leuk spelletje doen, zoals "Ik zie, ik zie wat jij niet ziet" of raadsels bedenken over dingen op de praatplaat.

Quiz


Organiseer een quiz over de boerderij.

Wat weten ze al of nog van het onderwerp af?

Een feest


Sluit het thema eens feestelijk af.

  • Laat de kinderen verkleed als boerderijdier of helemaal in boerenstyle in overall, laarzen of klompen, met een rode zakdoek naar school komen.

  • Maak een kring van hooi- of strobalen. Want ja.. je bent maar boer voor één dag!

  • Organiseer een boerderijdieren-photoshoot.

  • Organiseer een modeshow. Laat de kinderen verkleed als boerderijdier over een rij van tafels of een rode loper hun verkleedkleding showen. Speel zelf de omroeper of laat een kind vertellen over de outfits van je klas.

  • Trakteer de kinderen op een glas melk met een lekker gekookt eitje of een stukje kaas.

  • Speel ezeltje prikje. Maak op een groot bord een ezel of ander dier zonder staart. Die mogen de kinderen er met een blinddoek om op gaan prikken. Maak de staart van papier, plastificeer deze en plak er klittenband op. Vervolgens mogen de kinderen proberen de staart op de juiste plek op het bord te plakken.

  • Ga sjoelen. Je kunt het gewone sjoelen omtoveren in boerderij sjoelen door iedere sjoelsteen te versieren met een boerderijplaatje, te veranderen in een boerderijdier of door deze op de puntentelling te plakken.

  • Speel boerderijbingo. Maak bingokaarten met alleen maar boerderijplaatjes erop.

Bakken/koken


Laat de kinderen iets bakken of koken.

Denk bij dit thema eens aan:

  • Een brood bakken

  • Een gevuld ei maken

  • Een ei koken/bakken

Een tentoonstelling


Organiseer een tentoonstelling, waar de kinderen hun zelfgemaakte werkstukken kunnen presenteren. Maak samen met de kinderen een planning:

Wat moet er van tevoren gebeuren?

Wat hebben we nodig? Er kunnen bijvoorbeeld uitnodigingen, affiches, naambordjes en wegwijzers worden gemaakt. Wat kunnen we allemaal laten zien en aan wie?

Er kunnen bijvoorbeeld foto's, knutselwerken, muurkranten, toneelstukjes, optredens en PowerPoint presentaties worden getoond.

Laat de kinderen meehelpen met het uitstallen van de werkstukken en het rondleiden van de gasten. Oefen dit van tevoren in de kring.


Kijk voor meer suggesties ook eens op mijn Pinterest


Heb je zelf ook nog leuke suggesties?

Inspireer dan collega’s door jouw ideeën in een reactie op deze blog te delen!

213 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven