top of page
Zoeken
  • Foto van schrijverJuf Angelique

De 21e-eeuwse vaardigheden

Bijgewerkt op: 11 feb.

Onze maatschappij is in een dusdanig rap tempo aan het veranderen, dat we er geen idee van hebben welke banen er in de toekomst zullen gaan ontstaan voor kinderen.

We kunnen kleuters echter wel voorbereiden op de uitdagingen, die ze daarbij zullen gaan tegenkomen. De vaardigheden die daarvoor nodig zijn worden ook wel 'de 21e eeuwse vaardigheden', of in het Engels de '21st century skills' genoemd. Daarmee worden vaardigheden bedoeld als: creativiteit, probleemoplossend denken, planmatig werken samenwerken en digitale vaardigheden. In deze blog vertel ik je er meer over.



De 21e eeuw


De vaardigheden die kinderen zich eigen moeten maken om goed te kunnen functioneren in de huidige maatschappij zijn veranderd ten opzichte van vroeger.


Kennis en informatie zijn altijd en overal voorhanden.

Dagelijks krijgen we via allerlei kanalen een overdosis aan informatie. Is er een vraag, dan wordt er op internet gezocht en is het antwoord zo gevonden. Zijn we onderweg en weten we de weg niet meer, dan biedt de smartphone hulp en ook op school is informatie snel op te zoeken met behulp van moderne middelen.


De wereld is heel klein geworden. We werken samen met mensen van over de hele wereld en hoeven daar vaak niet eens meer voor te reizen.


De wereld is ook een stuk flexibeler dan voorheen.

Mensen wisselen regelmatig van werk en van samenlevingsvorm.

De scheidslijnen tussen privé en werk zijn vager geworden door de 24-uurseconomie.

De school is niet meer de enige plek waar je leert; er zijn ook allerlei andere kanalen.


Kennis raakt ook snel verouderd. Wat je in het voortgezet onderwijs hebt geleerd, is niet voldoende voor de rest van je leven; we moeten ons voortdurend ontwikkelen om in alle veranderingen mee te kunnen blijven doen.


Je kunt je dus afvragen of het hebben van parate kennis nog wel zo belangrijk is. Willen wij kinderen klaarstomen voor de maatschappij, dan moeten we hen leren op een juiste manier om te gaan met de stroom aan informatie die op hen afkomt.

Deze ontwikkelingen vergen van ons andere manieren van denken, andere manieren van werken, gebruik van nieuwe instrumenten en wereldburgerschap.


 

21e-eeuwse vaardigheden


Er bestaan diverse omschrijvingen van de 21e-eeuwse vaardigheden. Samengevat zijn het de componenten die belangrijk zijn om kinderen, in een wereld die snel verandert, op te voeden tot flexibele, betrokken en evenwichtige volwassenen en goed voor te bereiden op de toekomst. Veel van de vaardigheden die kinderen daarvoor nodig hebben, leren ze op school, maar ook elders. Het gaat dan over:


Manieren van denken

• Creativiteit en innovatie

• Kritisch denken, probleem oplossen en beslissingen nemen

• Leren leren/metacognitie


Manieren van werken

• Communicatie

• Samenwerken


Waarden

• Openheid

• Doorzettingsvermogen

• Veerkracht

• Flexibiliteit

• Belangstelling

• Eerlijkheid

• Veranderingsbereid

• Aanpassingsbereid

• Zelfvertrouwen

• Verantwoordelijkheid

• Respect


Instrumenten om te werken

• Informatievaardigheden

• ICT geletterdheid


Leven in de wereld

• Burgerschap, lokaal en globaal

• Leven en werken (loopbaan)

• Persoonlijke en sociale verantwoordelijkheid


De 21e -eeuwse vaardigheden zijn geen doel op zich, maar worden geïntegreerd.

Sommige vaardigheden zullen wel op zichzelf geoefend moeten worden om ze te kunnen inzetten bij andere leergebieden.


Eigenlijk zijn de 21e-eeuwse vaardigheden ook van alle tijden.

Zonder creativiteit en innoverend vermogen zou de maatschappelijke ontwikkeling immers stagneren. Zonder kritische denkers was er geen vooruitgang in de wetenschap geweest. Zonder sociaal betrokken mensen met oog voor een gemeenschappelijk belang, hadden we geen overheid die enige garantie op veiligheid biedt.


Er zullen weinig scholen zijn die het niet tot hun taak rekenen deze vaardigheden bij hun leerlingen te ontwikkelen. Maar, net zoals een reken- of taalmethode van tijd tot tijd aan herziening toe is, kan het ook geen kwaad om het onderwijs in deze leergebied-overstijgende vaardigheden eens in de zoveel tijd te evalueren en bij te stellen.

 

Werk in uitvoering!


Hoewel de meeste leerkrachten het belang van 21e-eeuwse vaardigheden onderschrijven en er ook aan werken, kan de concrete uitvoering gerichter en systematischer dan het nu gebeurt. Op die manier wordt werken aan 21e -eeuwse vaardigheden niet een extra taak, maar een invalshoek die het onderwijs over de leergebieden verrijkt en kinderen motiveert.


Doelgericht en planmatig werken aan 21e-eeuwse vaardigheden kan al vanaf groep 1.

Het 21e -eeuwse karakter van het onderwijs kan versterkt worden door doelgerichter, planmatiger en explicieter leerinhouden op zo’n manier aan te bieden dat het kinderen uitdaagt tot zelf denken, betrokkenheid op anderen, verantwoordelijk handelen en eigen initiatief.


Hoe doe je dat?

Bied een leeractiviteit aan, waarin een probleem centraal staat. Maak het probleem levensecht en betekenisvol en zorg ervoor dat het probleem zo gesteld wordt dat er veel (verschillende) vaardigheden aan bod komen tijdens het werken.

De leeractiviteit wordt sterker wanneer de volgende punten erin naar voren komen:


Er wordt een beroep gedaan op samenwerking

Samenwerken gaat over het samen volbrengen van een doel en elkaar in dat proces kunnen aanvullen en ondersteunen.

Deze vaardigheid vraagt om:

  • Vertrouwen hebben in elkaars capaciteiten

  • Effectief communiceren

  • Respect hebben voor verschillen

  • Hulp vragen en feedback geven

  • Zich houden aan afspraken

  • Een positieve houding aannemen ten aanzien van ideeën van de ander

Kinderen leren door te samenwerken belangrijke vaardigheden zoals onderhandelen, taken verdelen, luisteren naar ideeën en kennis van anderen en integratie van kennis.

Ze hebben elkaar nodig om tot een product te komen.

Kleuters en samenwerken is nog wel een lastige combinatie. Jonge kinderen zijn namelijk nog heel erg op zichzelf gericht en staan op het punt om te gaan ontdekken dat er ook een wereld om hen heen is, waarin anderen soms anders denken en voelen.

Je kunt het samenwerken bij kleuters al wel wat stimuleren door gebruik te maken van coöperatieve werkvormen. Daarnaast kun je oudere kinderen van de school laten samenwerken met kleuters. Op die manier ontstaat er vaak een hele andere dynamiek.


De hoofdzaak van de leeractiviteit is kennisconstructie

Kinderen kunnen de activiteit niet uitvoeren door eenvoudigweg informatie over te nemen. Ze schakelen hun creativiteit en probleemoplossend vermogen in.

Ze combineren hierbij nieuwe informatie en inzichten met wat ze al weten.

De leerkracht heeft hierbij een coachende rol.

De leeractiviteiten worden sterker als de activiteiten vakoverstijgend zijn.


Er wordt gebruik gemaakt van ICT

Kinderen moeten de vaardigheid ontwikkelen om ook ICT te kunnen gebruiken bij leren.

Ze gebruiken de computer, een tablet of smartphone voor het opzoeken, analyseren en interpreteren van informatie. Ook digitale videorecorders en fotocamera’s kunnen worden gebruikt worden. Denk bij kleuters aan het oefenen van de vaardigheden: Computational thinking, informatievaardigheden, ICT-basisvaardigheden en mediawijsheid.


Er wordt een beroep gedaan op de creativiteit

De kinderen zoeken naar toepasbare ideeën voor bestaande vraagstukken.

Deze vaardigheid vraagt om:

  • Creatieve technieken hanteren

  • Denken buiten de gebaande paden

  • Een nieuwe samenhang zien

  • Verantwoorde risico's nemen

  • Fouten zien als leermomenten

  • Een onderzoekende en ondernemende houding aannemen

Kleuters zijn van nature al heel erg nieuwsgierig, maar vaak neemt dit na de kleuterperiode af. Leer kleuters de technieken aan, waarmee zij kunnen creëren en geef ze vooral ook de ruimte om hun eigen creaties te maken. Daarmee geef je het signaal af, dat hun ideeën de moeite waard zijn en gezien worden.


Er wordt een beroep gedaan op het probleemoplossend denken

De kinderen herkennen een probleem en maken een plan om het op te lossen.

Deze vaardigheid vraagt om:

  • Problemen signaleren, analyseren en definiëren

  • Strategieën ontwikkelen en hanteren om met onbekende problemen om te gaan

  • Oplossingsstrategieën genereren, analyseren en selecteren

  • Patronen en modellen

  • Een positieve mindset: Hoe groot het probleem ook is, er is altijd een manier om het op te lossen.

Bij kleuters kun je het ontwikkelen van deze vaardigheid uitdagen door bijvoorbeeld een klein probleem te creëren en ze dit zelf te laten oplossen.

Ook is het goed te bespreken dat iets soms ook mis kan gaan en dat er dan teleurstelling kan zijn, maar dat je dan moet doorzetten.


Er wordt planmatig gewerkt

De activiteit duurt een week of langer, zodat de kinderen planmatig moeten gaan werken. De kinderen weten vooraf waarop zij beoordeeld gaan worden.


Er wordt gecommuniceerd

Kinderen moeten leren om op een effectieve en efficiënte manier een boodschap over te brengen en te ontvangen.

Deze vaardigheid vraagt om:

  • Luisteren

  • Presenteren

  • De dialoog aangaan

  • Je gedrag op de situatie afstemmen

  • Omgaan met spanningen

  • Een passend communicatiemiddel kiezen

In een kleutergroep wordt de hele dag door op verschillende manieren (verbaal en non-verbaal) gecommuniceerd. Daarnaast is het belangrijk het communiceren heel gericht, het liefst in kleinere groepen, te oefenen. Dat kan bijvoorbeeld met coöperatieve werkvormen.

Daarbij is het van belang om de kinderen te leren luisteren naar elkaar.

Ook is het belangrijk om het presenteren onder de aandacht te brengen.

Presenteren kan in verschillende vormen gebeuren. Bij kleuters is een spreekbeurt nog niet zo gepast, maar zij kunnen bijvoorbeeld wel iets laten zien en erover vertellen.

Presenteren kan ook in tweetallen of in een groepje.

Bouw deze vaardigheid wel in stapjes op en begin het liefst in een klein groepje.


Er wordt een beroep gedaan op sociale en culturele vaardigheden

Sociale en culturele vaardigheden zijn erg belangrijke vaardigheden. Kinderen moeten effectief kunnen leren, werken en leven met mensen met verschillende achtergronden.

Deze vaardigheid vraagt om:

  • Het kunnen benoemen van je eigen gevoelens, hierop reflecteren en je daarbij bewust zijn van je eigen verantwoordelijkheid in de samenleving

  • Zich inleven in de gevoelswereld van een ander, belangstelling tonen en respect hebben voor andere opvattingen en levenswijzen

Het is belangrijk om kleuters te laten zien dat de wereld groter is dan hun eigen leefwereld. Deze vaardigheden, die vaak verweven zijn met het vak burgerschap, kun je ook prima oefenen met kleuters. Bijvoorbeeld door boeken voor te lezen, waarin het gaat over andere achtergronden en culturen. Denk bijvoorbeeld aan een boek, waarin een kind twee moeders heeft. Ook kun je kinderen uit de klas laten vertellen over hun eigen achtergrond en hoe die verschilt van hun klasgenoten. Maak dit zoveel mogelijk tastbaar. Laat ze bijvoorbeeld eten, kleding of andere voorwerpen meenemen uit hun cultuur.

Leer kinderen ook welk gedrag in welke situatie past. Wat je bijvoorbeeld tegen iemand zegt als die jou heeft geholpen.


Er wordt een beroep gedaan op de zelfregulering

Het is belangrijk dat kinderen zelfstandig leren handelen en verantwoordelijkheid kunnen nemen in de context van de situatie.

Deze vaardigheid vraagt om:

  • Realistische doelen stellen

  • Doelgericht handelen en zich richten op de uitvoering van een taak

  • Verantwoordelijkheid nemen voor het eigen handelen

  • Begrip tonen voor de consequenties van het eigen handelen

Deze vaardigheden worden binnen een kleutergroep gestimuleerd tijdens het werken aan taken.


Er wordt een beroep gedaan op het kritisch denken

Het is belangrijk dat kinderen leren om zelfstandig te komen tot een weloverwogen en beargumenteerde afweging, oordeel of beslissing

Deze vaardigheid vraagt om:

  • Een eigen visie of mening formuleren

  • Hiaten in de eigen kennis signaleren

  • Betekenisvolle vragen stellen

  • Openstaan voor alternatieve standpunten

  • Denkvaardigheden toepassen om informatie te doorzien en op waarde in te schatten

Deze vaardigheden kunnen binnen een kleutergroep bijvoorbeeld gestimuleerd worden door ze uit de dagen met proefjes.



Het vraagt in het begin misschien extra inspanning van een leerkracht om zo met de lesstof te ‘spelen’, maar op een gegeven moment is het een 21e -eeuwse bril geworden, die net zo vertrouwd is als het directe instructiemodel!

 

Op zoek naar meer?


Boekentip:



Kijk voor meer suggesties ook eens op mijn Pinterest Heb je zelf ook nog leuke suggesties voor ontwerpend leren?

Inspireer dan collega’s door jouw ideeën in een reactie op deze blog te delen!

 

Bronnen



.

.

.

782 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Comentarios


bottom of page